Onze-Lieve-Vrouw van Guadeloupe


Onze-Lieve-Vrouw van Guadalupe (Nuestra Seņora de Guadalupe) of de Maagd van Guadalupe (Virgen de Guadalupe), is de beschermheilige van Mexico en sinds 1945 van heel Latijns-Amerika. De viering van Nuestra Seņora de Guadalupe vindt in Latijns Amerika plaats op 12 december.

Onze-Lieve-Vrouw van Guadalupe zou als Mariaverschijning op 9 december 1531 door de heilige Juan Diego Cuauhtlatoatzin aanschouwd zijn. Juan Diego was een bekeerde Azteek. Maria zou hem in het Nahuatl verteld hebben om een kerk te bouwen op de plaats waar ze tot hem sprak (op de berg Tepeyacac, in het huidige district Gustavo A. Madero). De bisschop van Mexico geloofde Juan Diego niet, en zei hem dat Maria eerst maar eens een wonder moest laten zien. Juan Diego vond toen, in de winter, rozen op de berg Tepeyacac. Hij plukte de rozen en droeg ze in zijn mantel naar het paleis van de bisschop. Toen hij daar zijn mantel opende was een afbeelding van Maria te zien. De mantel, die bekend staat als de 'tilma', wordt bewaard in de Basiliek van Guadalupe in Mexico-Stad.

In de loop der eeuwen is de Maagd van Guadalupe uitgegroeid tot een nationaal symbool. In 1737 werd ze patroonheilige van Mexico-stad en in 1895 van het land. Sinds 1945 is ze zelfs beschermvrouwe van heel latijns-Amerika. Gedurende de geschiedenis van Mexico is ze het symbool geweest voor onafhankelijkheidsstrijders en voorvechters van meer rechten voor de oorspronkelijke bevolking - Juan Diego was immers indiaan. Onder anderen Miguel Hidalgo droeg Onze-Lieve-Vrouw van Guadalupe op zijn banier, maar zelfs de hedendaagse socialistische Zapatistas gebruiken haar als symbool. 

De heiligverklaring van Juan Diego vond plaats in 2002. Veel Mexicaanse katholieken waren erg blij met de eerste canonisatie van een indiaan. Er was echter ook kritiek; volgens sommige historici zou Juan Diego namelijk nooit hebben bestaan.

De oorsprong van het woord 'Guadalupe' is onzeker. Maria zou zichzelf zo genoemd hebben toen ze aan Juan Diego verscheen. Het is mogelijk een verbastering van het Nahuatl Coatlaxopeuh, 'degene die de slang vernietigt'. De slang zou dan slaan op Azteekse goden als Quetzalcoatl (de gevederde slang), die door de christelijke religie verslagen zijn. De Spaanse kolonisten hebben er uiteindelijke 'Guadalupe' van gemaakt, als verwijzing naar het beeld van de Zwarte Madonna van Guadeloupe in Spanje.

De verering van maagd van Guadalupe kan gezien worden als de voortzetting van de verering van de Azteekse godin Tonantzin. Tonantzin was evenals Maria een moederfiguur, en een tempel die aan haar gewijd was bevond zich precies op de plaats waar Juan Diego Maria aanschouwd zo hebben. Kerkelijke autoriteiten hebben destijds dan ook alle zeilen bijgezet om te voorkomen dat de verschijning zou worden opgevat als een verschijning van Tonantzin. Tegenwoordig wordt de Maagd van Guadalupe door sommige indianen weer vereerd als Tonantzin.